Column

aan alles komt een einde

Het gemeentebestuur is in zijn nopjes omdat nu alles in orde is met de ondersteuning van de huurders.

Dat antwoordt het college op vragen van mevrouw Zwang van de PvdA. Met enig plezier worden in de brief aan de gemeenteraad de wapenfeiten opgenoemd: de wijkondersteuningsteams functioneren naar behoren, er is een bewonersondersteuner op het stadskantoor, er is een regisseur woonoverlast gekomen en de wijkmanager houdt een oogje in ‘t zeil.

Kortom, het gemeentebestuur is tevreden, alhoewel de hulp aan de huurders van Woonplus nog niet is geregeld en de bovengenoemde ondersteuners geen huurders van Woonplus mogen bijstaan. Maar goed, die huurders hebben tenslotte hun geschillencommissie, dus die moeten niet zeuren.

Toch maakte de PvdA zich enige zorgen rond de belangenbehartiging van de huurders. Begin van het jaar is de subsidie voor het SOBO stopgezet en het jaar daarvoor was Woonplus al gestopt met het leveren van een financiële bijdrage aan het SOBO. Het SOBO is de koepel van bewonersverenigingen en had door de jaren heen de beschikking over een paar werkers die wisten hoe de hazen lopen. Maar successievelijk zijn deze werkers weggegaan, of liever gezegd weggehaald bij het SOBO en bij pensionering kwam er geen opvolger.

Eerst is er afscheid genomen van de sociale raadslieden en daarna volgden de werkers bij het SOBO.

Er is een vergelijking te maken met de huidige problemen bij de sociale advocatuur. Ook hier wordt bezuinigd en de rijksoverheid lijkt het wel goed te vinden dat de toegang tot de advocatuur wordt afgesneden. Niemand in de bestuurslagen zit te wachten op de zogenaamde “luizen in de pels”. Men is die lastige mensen die procederen liever kwijt dan rijk, maar de grap is wel, dat in veel gevallen de overheid juist de partij is waartegen wordt geprocedeerd.

Deze informatie besprak ik met de BVSO. Ik hoorde dat het helemaal niet goed gaat met de bewonersverenigingen. De club in Zuid werkt nog redelijk, in Groenoord is men nog druk bezig met die energie problemen en in West is men al gestopt. In Oost valt het verlies van de werkers van het SOBO zwaar en al enige tijd heeft de vereniging het gevoel geen partij meer te zijn voor de gemeente.

Er was een bedrukte stemming. Ik dacht de zaak op te beuren met een nietszeggend “aan alles komt een einde”. Maar dat viel niet goed. Men dacht aan de gouden tijden toen men nog meebesliste over sloop en nieuwbouw, hoe de bewoners een rij vormden bij de spreekuren en hoe leden van de gemeenteraad hun oor te luister legden bij de vereniging. Recent vierde men nog het 45-jarig bestaan.

Het is ook wel te verklaren dat de betrokkenheid van de wijkbewoners terugloopt. De nieuwe huurders van Woonplus vormen weliswaar een bont gezelschap, maar de binding met de buurt ontbreekt.

En Woonplus is, hoewel gebonden aan de Overlegwet, bemoeienis van derden zat. Eerst is de band met het SOBO verbroken en nu praat men met een zelf gecreëerd vehikel van bewonersparticipatie over de goedkeuring van de zogenaamde prestatieafspraken.

Ook voor de grotere particuliere verhuurders geldt die wet, maar de meeste weten dat niet eens. Een van de verhuurders in Schiedam zie je wel terug op het shirt van Sparta maar niet aan de overlegtafel.

De gemeente is in de wijk vooral bezig is met het buitengebeuren en risicodragende vernieuwingen in de wijk laat men over marktpartijen, zoals in Buurt 15. Inspraak of kritiek is niet gewenst.

Door al die tegengestelde belangen maakte het SOBO zich de laatste jaren niet geliefd bij zowel de ambtenaren als de mensen van Woonplus. Dat heeft gevolgen gehad voor de financiële steun.

Maar er komt een tijd dat de boel weer omslaat. Bewoners, huurders van Woonplus en huurders van particulieren willen gewoon weer een onafhankelijk advies en zo mogelijk inhoudelijke steun.

De gemeente, die de ondersteuning van huurders naar zich heeft toegetrokken, kan dat niet volhouden.

Je kunt op je vingers natellen dat er aan deze rol van de gemeente weer snel een einde komt. Overigens hebben de advocaten er inmiddels geld bij.

J. Oosterling